

Cardano is tegenwoordig vooral bekend vanwege zijn werk op het gebied van de algebra. Cardano was echter ook de eerste die op systematische wijze studie maakte van de kansrekening (eerder dan De Fermat en Pascal die ruim een eeuw later zijn geboren).
Cardano studeerde in 1526 af als doctor in de medicijnen aan de Universiteit van Padua. Hij werd later toegelaten tot het genootschap van geneesheren in Milaan. In 1543 accepteerde hij een professoraat in Pavia.
Hij heeft talloze vindingen gedaan op het gebied van wiskunde, natuurkunde en de medische wetenschappen. Onder meer de Cardan as en de Cardanische ophanging zijn naar hem vernoemd.
In 1545 publiceerde Cardano zijn grote werk, dat bekend staat als Ars Magna (De grote kunst). Dit werk bevatte oplossingen voor de derde- en vierdegraadsvergelijking. Zijn autobiografie De Vita Propria Liber (Het boek van mijn leven) heeft hij vlak voor zijn overlijden voltooid. Cardano schreef 131 gedrukte werken en liet 111 manuscripten achter.